Chris Kouwenhoven


De Q-waarde


Met het opruimen kwam ik een artikel tegen uit het tijdschrift Fiets (nummer 10, 1994). Dit artikel heeft de titel "Hoe smaller, hoe sneller!" en gaat over de Q-waarde. Dat is de afstand tussen de buitenkant van de cranks, beter gezegd, de afstand tussen de pedalen.

Er zijn veel meningen of de Q-waarde ook daadwerkelijk een waarde ís. Zoals bij alles in de mechanica en zeker in combinatie met het gebruik ervan door een mens (of dier, maar die doen voor zover ik weet niet aan fietsen) zijn er marges waarin gewerkt moet worden. Ergens binnen deze marges is een optimum.
Naar mijn idee heeft de Q-waarde zeker waarde, misschien wel meer dan we vermoeden.

Definitie Q-waarde

De Q-waarde is bedacht en onderzocht door de Amerikaanse product manager van Bridgestone, Grant Peterson.

Volgens het tijdschrift is dit de definitie van Q-waarde:
"De Q-waarde is een kwaliteitswaarde (Quality). Bij een fiets wordt daarmee de afstand tussen de voeten bedoeld, of beter: de afstand tussen de buitenkant van de cranks."

Inmiddels zijn we, sinds het artikel, 21 jaar verder en is uiteraard een en ander veranderd aan de cranks. Ze zijn niet meer volledig recht, lopen soms naar binnen, soms naar buiten. Met de komst van click-pedalen kun je de schoenplaatjes verder naar buiten zetten waardoor de Q-waarde afneemt.
Kortom, het hanteren van deze definitie hou ik in dit artikel aan:
"De Q-waarde is de afstand tussen de pedalen"

- Definitie van Q-waarde bij Wikipedia.

Voordelen lagere Q-waarde

Aangezien ik het artikel niet terug kan vinden op de website van Fiets magazine, neem ik hieronder de letterlijke tekst over uit het artikel.

Het heeft veel voordelen deze maat (red: Q-waarde) klein te houden. De Q-waarde wordt bepaald door de breedte van de trapas en de cranks. Deze maat bepaalt dus als het ware het wijdbeens fietsen. De beste Q-waarde is nog niet vastgelegd. Misschien zou deze kunnen worden bepaald door van iemand de heupbreedte, de vorm van de benen en de houding van de voeten te bestuderen. Of door naar iemands loopbreedte te kijken. Bij het lopen zet je je voeten neer zoals ze vallen.
Op een fiets word je gedwongen om breder te gaan fietsen dan je natuurlijke breedte. Deze ligt bij ongeveer 5 cm. Bij fietsen is deze breedte minimaal 13 cm en maximaal 19 cm. Dus altijd breder dan de loopbreedte. Mensen met korte benen zitten al gauw in een extra brede spreidstand op de fiets.

Een kleine Q-waarde heeft eigenlijk alleen maar voordelen, zowel biomechanische, aerodynamische en mechanische.
De biomechanische
- natuurlijkere houding
- betere krachtoverbrenging
- minder kniebelasting

De aerodynamische
- minder groot frontaal oppervlak

De mechanische
- schuiner door de bochten kunnen trappen
- lichtere trapas
- kleinere radiale krachten op de trapaslagers
- minder grote bracketstijfheid nodig
- meer zijdelingse vrijheid

Advertentie